Diergaarde Blijdorp


Voor grotere weergave: klik op de foto

De geschiedenis van de dierentuin gaat terug tot 1857, toen een groep Rotterdamse burgers een vereniging oprichtte genaamd de "Rotterdamse Diergaarde." Hun doel was om een plek te creëren waar de bewoners van Rotterdam en omgeving dieren konden zien en bestuderen. Aanvankelijk werden de dieren gehouden in een tijdelijke locatie in de binnenstad van Rotterdam.

In 1938 verhuisde de dierentuin naar de huidige locatie in de wijk Blijdorp, vlakbij het centraal station van Rotterdam.

Aan de westzijde van de spoorbaan bevinden zich veel van de oorspronkelijke gebouwen en delen van de dierentuin. Hier vind je historische elementen en monumentale gebouwen, die een gevoel van nostalgie en geschiedenis uitstralen. Een van de meest iconische structuren in dit deel van de dierentuin is de monumentale Rivièrahal, een prachtig voorbeeld van de Nederlandse wederopbouwarchitectuur uit de jaren 40 en 50 van de vorige eeuw.

Disclaimer: Foto's zijn gerelateerd aan een park, maar lang niet alijd aan bomen of struiken. Het betreft wel zaken die je op je wandeling in het park kan tegenkomen.

Blijdorp-West

Stellers zeearend (Haliaeetus pelagicus) is een van de grootste zeearenden. De wijfjes zijn (zoals bij bijna alle roofvogels) het grootst, ze kunnen tot 105 centimeter hoog worden en de spanwijdte van de vleugels kan tot 250 centimeter bedragen. De vogel wordt betrekkelijk zwaar: 7 tot 9 kilogram. [lees meer]

Hij komt voor in Oost-Azië, voornamelijk de kusten van Japan, Rusland en China. Deze arend bewoont rotskusten aan zee en rond beboste meeroevers en rivieroevers.

Deze zwartachtig bruine roofvogels hebben een gele snavel. De veren op de staart, schouders en poten zijn wit.

(bron: Wikipedia)

De mandarijneend (Aix galericulata) is een vogel uit de familie van de eendvogels (Anatidae). Mandarijneenden rusten vaak in bomen. Ze kunnen in het donker goed zien. Hun voedsel, dat ze op het land zoeken, bestaat uit noten en zaden, maar ook insecten en slakken staan op het menu. [lees meer]

Van oorsprong is de mandarijneend een Aziatische vogel die zijn nest maakt in verlaten spechtennesten op grote hoogte. Mandarijneenden worden al enige honderden jaren gehouden als sierwatervogel. Verwilderde populaties komen voor in West-Europa.

(bron: Wikipedia)

De amoerpanter of amoerluipaard (Panthera pardus orientalis) is de meest noordoostelijk voorkomende ondersoort van de luipaard. Deze ondersoort is ook bekend onder de namen Siberische luipaard of Verre-Oostelijke luipaard. De amoerpanter is in staat drie meter hoog te springen en horizontaal tweemaal de eigen lengte te overbruggen. [lees meer]

De amoerpanter leeft in het zuiden van het Russische Verre Oosten en in het bergachtige noorden van Noord-Korea. Door vernietiging van zijn leefomgeving als gevolg van toenemende menselijke invloeden, de voortgaande bonthandel en trofeejagers is de ondersoort sterk in aantal gedaald en een van de meest met uitsterving bedreigde katachtigen.

(bron: Wikipedia)

De zwarte neushoorn (Diceros bicornis) wordt ook wel puntlipneushoorn genoemd. Het is ondanks zijn grootte een snel en flexibel dier, dat makkelijk kan manoeuvreren en op een korte afstand snelheden van maximaal 50 km/h kan bereiken. Hij kan hiermee ernstige schade toebrengen aan auto's en leeuwen doden. De neushoorn heeft een extreem slecht zichtvermogen, maar een goed ontwikkelde reuk en gehoor.
De zwarte neushoorn komt voor op de savannen van Oost- en Midden-Afrika. Hij is met uitsterven bedreigd, voornamelijk doordat stropers hem doden voor de hoorns. [lees meer]

Meestal woelt de zwarte neushoorn zich in modderpoelen of stofbaden om teken en andere parasieten van zich af te houden. Hierbij wordt hij geholpen door de ossenpikker, die maar al te graag de parasieten en teken eet.

De zwarte neushoorn graast meestal rustig op bladeren van lage bomen. Hij eet voornamelijk bladeren en takken van acacia's en wolfsmelk. Om het voedsel te kunnen verorberen, trekt hij met zijn bovenlip de bladeren af van de takken. Ook eet hij de vruchten van laaggroeiende bomen en struiken, en soms voedt hij zich met plantenwortels. In gebieden met weinig bomen en struiken, zoals de Ngorongorokrater, eet het dier voornamelijk gras. Soms breekt hij met zijn voorste hoorn te hoge takken af, zodat hij er beter bij kan.

Daarnaast drinkt de zwarte neushoorn indien mogelijk eenmaal per dag. De soort moet dagelijks drinken, tenzij het voedsel genoeg vocht bevat. In zulke gevallen kan de zwarte neushoorn maximaal vijf dagen zonder drinken. Vandaar dat hij zich meestal niet verder dan vijf kilometer verwijdert van een waterloop, en in de droge tijd altijd binnen een straal van 25 kilometer van een waterloop. In de droge tijd graaft hij in opgedroogde rivierbeddingen met zijn voorpoten naar water. Om er te komen gebruikt hij altijd dezelfde platgestampte paden, die duidelijk te zien zijn tussen de hoge vegetatie. Het dier heeft ook regelmatig zout nodig en bezoekt vaak likstenen.

(bron: Wikipedia)

Blijdorp-Oost

ambiance in Amazonica

Giraffenpakken

De douglasspar (Pseudotsuga menziesii) is een boom uit de dennenfamilie (Pinaceae). De boom komt van nature voor in het westen van Noord-Amerika. In Europa wordt de soort tegenwoordig veel aangeplant vanwege het hout.

In Amerika bereikt de boom een hoogte van 100 m; in Europa wordt hij meer dan 50 m.

Ondanks de naam 'spar' is er weinig verwantschap met de echte sparren (Picea). De douglasspar is vooral aan de kegels te onderscheiden.

Saracennia leucophylla is een vleesetende bekerplant. De bekers kunnen in gunstige omstandigheden wel tot 1 meter groot worden.

De opvallend gekleurde bekeropening en de nectar aan de binnenzijde trekken insecten en andere kleine dieren aan. Wanneer deze in de bekervloeistof glijden, worden ze verteerd door enzymen en bacteriën.


Credits

Foto's zijn van Erik Zachte, tenzij anders vermeld (vrije licentie: CC0)
Zeearend en eenden uit 2014, overige uit 2023.


Terug naar bomenkaart